Microsoft tenant. Wat is het en hoe maakt u deze aan?

29/04/2014, Michel Mars, Microsoft Cloud Support Coordinator

Als u cloud diensten van Microsoft afneemt of bespreekt, komt u regelmatig het woord ”tenant” tegen. Wat bedoelt Microsoft precies met dit begrip? En waarom is dit belangrijk?

Tot op heden hebben alleen organisaties die online services in gebruik wilden nemen, te maken gekregen met dit begrip. In het nieuwe licentieprogramma van Microsoft, Next Generation Volume Licensing (NGVL), krijgt elke klant hiermee te maken.

Vaak denkt men bij het activeren van online services dat de tenant het domein is van de Office 365 gebruikers. Dit is alleen het geval als u geen eigen domein opgeeft. Wanneer uw organisatie gebruikmaakt van een cloud service van Microsoft, wordt in het Windows Azure data center een ruimte gereserveerd, de zogenaamde “tenant”. Zie het als de container waar alle informatie over de online services wordt opgeslagen. In deze ruimte worden online diensten beschikbaar gemaakt en kunt u met Windows Azure Active Directory (WAAD) de gebruikers beheren. U kunt echter ook een koppeling met de Active Directory op uw eigen locatie maken via Active Directory Federation Services (ADFS).

Hoe ziet een tenant eruit?

De tenant bestaat altijd uit een zelfgekozen naam, gevolgd door “onmicrosoft.com”. Als u bijvoorbeeld “fabricam” als tenant wilt gebruiken, dan wordt de tenant dus: “fabricam.onmicrosoft.com”. Na activatie van de tenant kunt u een domeinennaam aan de tenant koppelen, zoals “fabricam.com” in plaats van “fabricam.onmicrosoftsoft.com”.

Gebruikers die u dan toevoegt aan de online service, krijgen dan het e-mailadres user@fabricam.com in plaats van user@fabricam.onmicrosoft.com. U kunt ook meerdere domeinen aan een tenant koppelen. Bijvoorbeeld user@contoso.nl kunt u aanmaken als tweede domein door eerst het “contoso.nl” domein aan de tenant fabricam.onmicrosoft.com te koppelen.

Van test- naar productieomgeving

Als de tenant is aangemaakt in een testomgeving, is het makkelijk deze om te zetten naar een productieomgeving. Hiervoor hoeft u alleen de tenant van de testomgeving, te gebruiken bij het activeren van de productieomgeving. Bij de uiteindelijke activatie gebruikt u dan niet de “sign-up” maar de “sign-in” optie.

Wat als de tenant/domeinnaam al bezet is?

Het is mogelijk dat de gewenste domeinnaam al bezet is; er wordt immers veel getest met Office 365 en de naam kan al een keer in een testomgeving zijn gebruikt. De meest eenvoudige optie is dan om een andere domeinnaam voor de productieomgeving te gebruiken. Kunt u geen andere domeinnaam gebruiken? Dan moet u intern uitzoeken wie de testomgeving met de gewenste domeinnaam heeft aangemaakt. Als de administrator van de aangemaakte tenant is gevonden, dan zal deze “zijn/haar” tenant moeten verwijderen. Het duurt dan 30 dagen voordat de tenant weer vrij komt. Deze 30 dagen zijn ingebouwd voor als een klant zich na het opzeggen van de online service zich bedenkt en alsnog de service wil gebruiken.

Geen online services, maar toch een tenant?

Direct na het afsluiten van een contract stuurt Microsoft uw organisatie een e-mail met het verzoek een tenant aan te maken. De persoon die de tenant aanmaakt is bij voorkeur iemand van uw IT-afdeling, waar bekend moet zijn of er al een tenant in gebruik is. Wanneer geen tenant wordt aangemaakt, kan het contract zelfs niet geactiveerd worden.

Advies nodig?

Wanneer uw organisatie klaar is voor de cloud, bent u er in elk geval zeker van dat Microsoft al een plekje voor u heeft gereserveerd in het Windows Azure data center! Wilt u advies over het aanmaken of uitbreiden van uw tenant? Neem contact met mij op via 06-2185 9931 of met een van mijn Solution Advisor collega’s.

Neem contact op

Michel Mars

Michel Mars

Microsoft Cloud Support Coordinator

Deel deze pagina